KAMPEN – Gerben Last is zaterdag in Kampen gehuldigd voor zijn zilveren medaille die hij behaalde tijdens de Paralympische Spelen in Rio. Sportwethouder Geert Meijering noemde Last een ambassadeur van de gemeente Kampen.
De huldiging vond plaats bij Tafeltennisvereniging Kampenion. Daar leerde Last als klein jongetje de eerste beginselen van het tafeltennis. Nadat hij vertrok naar Zwolle, bleef hij altijd goede contacten onderhouden met Kampenion. De vereniging was en is trots op alles wat Last heeft bereikt en benoemde hem zelfs als erelid.
Zaterdag vierde Kampenion het 50-jarig jubileum. Een uitstekende gelegenheid om een tafeltennisser te huldigen. Meijering sprak zijn waardering uit voor Gerben Last en noemde hem een voorbeeld voor andere sporters. Vier jaar geleden werd Last door de gemeente Kampen verrast met de Zilveren Legpenning. Dit keer moest Kampen op zoek naar iets anders. Er werd gekozen voor kunst. Het moest iets zijn waarin alle prestaties tot uiting kwamen. Pieter Hogenbirk maakte vervolgens een fraaie tekening, die Last zaterdag kreeg aangeboden van wethouder Meijering.
Last genoot zichtbaar van de huldiging. “Dit is puur natuur, niet gemaakt. Een blijk van waardering. Heel bijzonder. Vlak na de Paralympische Spelen heb je niet veel om na te denken. Nu besef je pas wat je hebt gedaan.” Last is gestopt met tafeltennis op hoog niveau en dat is even wennen. “Ik heb mijn leven jarenlang helemaal ingericht ten behoeve van de sport. Daarom is het nu even wennen. Maar het is nu niet gevoelig meer. Ik train nog één keer per week op eredivsie-niveau en heb nu tijd voor andere dingen.”
Last gaat een studie doen ten behoeve van zijn werk op het CSE (Centre for Sports & Education) en de trainerscursus Trainer 3 volgen. Die wordt door de tafeltennisbond op maat gemaakt voor Last, aangezien hij door zijn werk als leraar diverse vrijstellingen heeft. Last wil in de toekomst graag actief blijven in de topsport. “Hoe? Dat weet ik nog niet. Maar ik vind het mooi om mijn ervaringen door te geven. Dat doe ik al op school. Maar met topsport in mijn hart, zal ook in de toekomst het hoogst nastreven. Ik denk dat ik heel goed kan vertellen hoe je een wedstrijd moet invullen.”

