DEN HAAG – Aannemers opgelet! Wie niet heel secuur omgaat met de regels over het verwijderen van asbest kan zwaar worden beboet. Dat is een aannemer uit Genemuiden overkomen. De Raad van State heeft hem getrakteerd op een boete van bijna 34.000 euro.
De Raad verwijt hem dat hij bij het aannemen van een opdracht in Kampen geen vooronderzoek heeft gedaan naar mogelijke aanwezigheid van asbest. Het ging om een verbouwing van een woning aan de Lelystraat in Kampen. Woningen in die buurt zijn al vrij oud. En de kans dat daarin asbest is verwerkt, is niet gering.
Het leek er niet op dat in de woning aan de Lelystraat ook asbest was verwerkt. De asbest zat verstopt achter dikke verflagen op panelen van het kozijn. Toen de medewerkers van het aannemingsbedrijf dit ontdekten, werd hun vondst meteen gemeld bij de betrokken overheid. Maar de medewerkers waren toen wel al in aanraking gekomen met het gevaarlijke materiaal. De aannemer is daarvoor aansprakelijk gesteld.
De Raad van State is nog vrij aardig voor de aannemer. Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid trakteerde hem op een boete van 45.000 euro. De Zwolse rechtbank vond de straf te zwaar. De boete werd verlaagd naar 27.000 euro. De rechtbank hield bij zijn oordeel rekening met de niet al te rooskleurige financiële toestand van het bedrijf.
Het ministerie pikte die matiging van de boete niet en ging in hoger beroep bij de Raad van State. Die heeft de boete toch weer iets opgeschroefd. De Raad vindt dat een vooronderzoek naar asbest onterecht is nagelaten. Maar de Raad verwijt de aannemer minder dan het ministerie doet.
Hij heeft zijn medewerkers goed geïnformeerd over het omgaan met asbest. Ze hebben volgens de Raad ook secuur en voorzichtig gewerkt. Bovendien was de asbest verborgen achter verflagen. Daarom vindt de Raad een kleine matiging van de boete op zijn plaats.

