KAMPEN - De Gait L. Berk punterrace wordt op 13 mei voor de twintigste keer gevaren. Het is een wedstrijd die zich afspeelt in historisch vaargebied waarbij de veelzijdigheid van de punter volledig tot zijn recht komt. De wedstrijd wordt georganiseerd door Stichting tot Behoud van Kamper Botters.
De punters worden ingedeeld in twee klassen: recreatie- en vispunters. Het traject wordt geheel zonder motor afgelegd. Buitenboordmotoren blijven aan de wal. De bemanning bestaat uit twee personen. Grotere bemanningen doen buiten mededingen mee. Tijdens de wedstrijd mag gezeild, geroeid gejaagd, getruild en gepunterd worden. Kortom: alle menselijke vormen van spierkracht zijn toegestaan.
De punterrace start zaterdagochtend 13 mei om 09.30 uur bij de Buitenhaven in Kampen en eindigt in het Ganzendiep bij de trailerhelling vlak voor de Ganzendiepsluis. Na aankomst van alle punters wordt er geschut en vaart men samen richting Koggewerf. De aankomst zal daar aan het eind van de middag/begin van de avond zijn.
Een video van de race uit 2015 staat HIER.
Gait L. Berk
Gait L. Berk (1927-2006) was een veelzijdig man. Op het briefpapier dat hij na zijn terugkeer in Kampen in 1980 gebruikte, vermeldde hij slechts 'fotograaf' en 'schrijver'. Maar hij was ook filmer, wetenschapsjournalist, scheepshistoricus, columnist en entertainer. Hij schreef een boek over punters en zei over die 'boerenbootjes' het volgende:
"Mijn belangstelling voor punters is al veel ouder dan mijn schrijverij; sinds ik in mijn zesde levensjaar voor het eerst alleen in een punter mocht spelevaren, heb ik van deze scheepjes gehouden. En ik ben er ook mee blijven varen, tot op de huidige dag. Het zal menigeen verwonderen dat iemand zo lang door een bepaald scheepstype geboeid kan blijven, en dan nog wel een uit een categorie die doorgaans enigszins smalend betiteld wordt als 'boerenbootjes'.
Maar die boerenbootjes zijn juist heel interessant. Ze lijken wel grof of zelfs primitief, maar dat komt doordat ze stammen uit een periode waarin stroomlijn en gladdakkerij nog niet bestonden. Ze zijn in overoude tijden ontwikkeld voor een bepaald doel; ze zijn functioneel en in principe wars van overbodigheden. De mens moest varen, ook al in de 'oertijd', dat wil zeggen hij zal zich vaak drijvende hebben moeten houden bij overstromingen of bij het oversteken van wateren. Het zal niet moeilijk geweest zijn om het drijfvermogen van bomen te ontdekken. En uitgaande van boomstammen kun je komen tot vaartuigen als vlot en boomstamkano. Uit die oervormen werden gaandeweg bootjes ontwikkeld die dan - moeten we aannemen - op een zeker moment voldoende aan hun doel beantwoordden om de ontwikkeling te doen stokken. De bereikte vorm werd dan langzamer, maar zeker niet volgens een geheel statische traditie tot een bepaalde perfectie gevoerd. In die vorm zijn de bootjes ons vaak overgeleverd.
Weliswaar hebben zich uit deze 'oerbootjes' menigmaal grotere scheepstypen ontwikkeld die de trekken van het moedermodel nog maar nauw merkbaar vertonen, maar daarnaast bleef dikwijls het oude boottype gehandhaafd. Omdat het zo patent was voor zijn doel (en dit doel nog bestond). Zo zijn aan de 'boerenbootjes' nog vaak de stappen of de trappen te zien waarlangs de mens van boom tot schip is gekomen. En ook de vorm van die bootjes, hun stijl en de manier waarop ze gebouwd worden, getuigen van een oorsprong in een andere tijd Toen ik pas in de punters begon, wist ik dit uiteraard niet. Ik vond ze gewoonweg geweldig. Het was liefde, en het ging er ook mee als met een liefde. Je houdt al van een meisje voor dat je haar goed en wel kent, en als je haar eenmaal kent hou je nog meer van haar, terwijl je nog helemaal niet veel van haar afweet. En als de liefde blijft en de relatie langdurig wordt, dan ontdek je steeds nieuwe kanten in de ander. Zo heb ik dat ervaren met mijn punter en met mijn vrouw - maar een punter is geen vrouw. Wat het dan wel is ..."

