KAMPEN – Tjitske Buwalda schrijft al zowat haar hele leven. Het mag een klein wonder heten dat ze nu pas debuteert met een dichtbundel: Gemengde Gevoelens. Wie haar kent, weet echter dat Buwalda bescheiden is. Ze heeft zich zelfs wel eens afgevraagd wat anderen met haar teksten moeten.
De reacties op haar werk en ook Gemengde Gevoelens laten er echter geen misverstand over bestaan dat de gedichten velen weten te raken. Allicht omdat ze uit het leven zijn gegrepen. Zij het dat een deel autobiografisch is, andere gedichten zijn ontleend aan het leven van anderen of – met het nodige inlevingsvermogen – zijn verzonnen. Tot de laatste categorie behoort een gedicht over iemand die ontdekt in het verkeerde lichaam te zitten.
Hoe verschillend de onderwerpen ook, de stijl van Buwalda is herkenbaar. “Ik ben geen poëet. Ik ben blij als ik in een paar zinnen tot de essentie kom. Dat is voor mij waar een goed gedicht om draait.”
De titel Gemengde Gevoelens slaat allereerst op de pieken en dalen die bij het leven horen. Buwalda zelf kan er in alle opzichten over meepraten. Ze heeft echte armoede gekend, verlies moeten verwerken, maar ook veel moois mogen meemaken. “Ik ben een echte optimist, wil overal het beste van maken”, zegt Buwalda die een mix aan emoties laat samenkomen in het gedicht ‘Pa’.
Ze kijkt met veel liefde achterom naar haar vader met wie ze een heel goede band had. Hij was erg zwijgzaam en dat zal ook te maken hebben gehad met zijn jeugd. Al vroeg verloor hij zijn moeder, om vervolgens eerst door zijn grootouders en later door anderen te worden grootgebracht.
De kern van het gedicht is echter dat Buwalda het zo mooi zou vinden als haar vader kon zien dat ze nu trots is op zichzelf. Buwalda maakte door omstandigheden haar school niet af. Het gezin waarin ze opgroeide – haar moeder was al twee keer weduwe toen die haar vader ontmoette – was arm. Het onderwijs dat Buwalda is onthouden, geeft je geen voorsprong als schrijver-dichter zou je zeggen. Gelukkig gaat die vlieger niet op. Buwalda: “Ik heb later in het leven mijn kansen gegrepen en mij ontwikkeld tot wie ik nu ben. Later ben ik er overigens achter gekomen dat in mijn voorgeslacht veel schrijvers zitten. Kennelijk is niet alles aangeleerd en zit een deel van je talent in je DNA.”
Buwalda is geboren in Gorinchem, maar woont al jaren in Kampen, de stad waar ze haar hart aan heeft verloren. “Ik heb veel met historische steden en met Kampen had ik meteen een band”, aldus de dichter die in haar debuutbundel vijf stadsgedichten heeft staan. Die gaan niet allemaal over Kampen. Zo is er een gedicht over Hasselt (Oud en Nieuw) waarin vergankelijkheid en schoonheid in elkaar overvloeien. Als een woordelijke variant op de omslag van het boek: een afbeelding van een boom in de vorm van een gezicht. Aan de ene kant is het lente, aan de andere kant herfst.
Op 16 oktober wordt de dichtbundel gepresenteerd aan het publiek. Plaats van handeling is ’t Kroegje aan de Geerstraat 17 waar het feest om 15.00 uur begint.

