(door Marcel Kalter)Van huis uit ben ik rooms-katholiek. Omdat ik op de basisschool goed kon meekomen, ben ik in mijn jonge jaren gevraagd misdienaar te worden. Ik was als hulpje van de pastoor geen topper. Tijdens een kerkmis in de rooms-katholieke kerk van IJsselmuiden ben ik op zaterdagavond onder de preek van de pastoor een keer in slaap gevallen. Ik mocht onder schooltijd vaak opdraven bij begrafenissen, omdat ik dat emotioneel prima aankon. Dat leverde me dan een rolletje snoep van de pastoor op, terwijl je bij bruiloften als misdienaar vaak tien gulden (vier euro en vijftig cent) kreeg. Zo is er in het verleden al heel wat geld aan mijn neus voorbijgegaan.
Waar het ooit is misgegaan, weet ik niet. Maar op dit moment ben ik op het gebied van het geloof niet praktiserend. Ik geloof voornamelijk in de liefde. Nu ken ik heel veel mensen, die wel in God geloven. Omdat dit er op de hele wereld zo veel zijn, ga ik er gewoon vanuit dat Hij bestaat. Ik heb soms gesprekken met mijn collega’s over het geloof en ik ga af en toe met mijn vriendin mee naar de kerk. Ik sta er dus wel voor open, maar ik ben er tot nu toe nog nooit door ‘gegrepen’. Ik denk dat dit ook komt, omdat er in de wereld heel veel ellende door het geloof ontstaat. En dan met name door de interpretatieverschillen van de mensen.
Soms vraag ik tijdens zo’n gesprek hoe het komt dat zij zo zeker weten dat Hij bestaat. Sommigen zeggen dan dat zij regelmatig Zijn aanwezigheid voelen en anderen beweren weleens een teken te hebben gekregen. Al die verhalen hebben mij nooit over de streep kunnen trekken. Ik heb Hem ook een paar keer om een teken gevraagd, maar die vraag is onbeantwoord gebleven of Zijn antwoord is door mij niet opgepikt.
Volgens de gelovigen kan God alles en maken de mensen op deze aarde er zo’n bende van. Met dat laatste ben ik het eens. Maar ik begrijp sommige dingen niet. Ik ken een paar gelovige mensen in mijn kennissenkring, die in mijn ogen als voorbeeldige christenen leven. Het is bijna onmenselijk met welke ellende die kennissen de laatste maanden worden geconfronteerd. Dan vraag ik mij sterk af waarom God die mensen niet te hulp schiet. Het schijnt voor Hem een kleine moeite te zijn. Ik help mijn kinderen en mijn naasten toch ook als ze hulp nodig hebben en ik in staat ben hen te helpen?
Daarom zou ik graag een maandje bij God willen stage lopen. Om de gang van zaken in de wereld beter te begrijpen. Ik zou heel graag willen weten hoe de Bijbel geïnterpreteerd moet worden. Wat de echte bedoeling is van het geloof. Bestaat er zoiets als een Satan of is dat een hersenspinsel van de mensen? Wat vindt Hij van de ‘verplichte’ rustdag in deze moderne 24-uurs economie?
Ik wil het allemaal begrijpen, maar de antwoorden verwacht ik niet op korte termijn te krijgen. Ik mis het stukje houvast dat christenen aan het geloof hebben. Op dit moment denk ik dat ik het moet doen met de tijd die ik hier op aarde krijg. Daarom blijf ik me vooralsnog maar vasthouden aan de liefde. Als iedereen dat zou doen, zou de wereld er een stuk mooier uitzien. Dat geloof ik niet, dat weet ik zeker. En als de koek op is en ik definitief de ogen sluit, dan hoop ik dat er door mijn manier van leven toch een wildcard voor de hemel op mij ligt te wachten. Maar die mag van mij onder een dikke laag stof vandaan worden gehaald, want ik vind het hier nog veel te leuk en wil eerst nog heel veel liefde geven én ontvangen…


Klaas | donderdag 20 oktober 2016 16:07