(door Nick de Vries)
KAMPEN - De gemeenteraad heeft donderdagavond de motie 'plan van aanpak versterking reservepositie' aangenomen. De motie deed vooral de wenkbrauwen van enkele oppositiepartijen fronsen, omdat hij niets anders lijkt te doen dan het al bestaande beleid van het college te herhalen.
De partijen SGP, CDA, CU, VVD en GroenLinks dienden een motie in die stelde dat het noodzakelijk is om de financiële positie van Kampen te versterken. Daarom vinden zij dat het college moet komen met een plan van aanpak om algemene reserve weer aan te vullen. De resultaten hiervan moeten verwerkt worden in de perspectiefnota 2017 en de raad moet betrokken worden bij de inventarisatie van de mogelijkheden.
Lammert Bastiaan van de SP vroeg zich na het indienen van de motie af hoeveel vertrouwen de coalitie eigenlijk in haar eigen college heeft. Wat hem betreft is het logisch dat het college de inhoud van de motie, ook zonder de motie, uitvoert. Ook Albert Holtland noemde de motie overbodig, maar hij gaf aan dat dit niet betekende dat je hem niet kon steunen. Overigens deed zijn partij dat uiteindelijk zelf om 'politieke strategische redenen' niet. Ook verantwoordelijk wethouder Martin Ekker vond dat de motie gezien de afspraken eigenlijk niet noodzakelijk is. Veel van de punten in de motie zijn al toegezegd. "Maar ik zal hem steunen".
Het belangrijkste element van de motie is wat de steunende partijen betreft dat zij al in de aanloop naar de perspectiefnota 2017 bij de plannen betrokken worden. Normaal zou het college eerst plannen maken en die achteraf voorleggen aan de raad. Nu bestaat de wens om eerst een plan van aanpak te maken, waar de raad al bij betrokken wordt. Raadslid Klaas van den Bosch benadrukte dat dit geen ingewikkeld proces hoefde te zijn. Het plan van aanpak hoeft geen dik boekwerk te worden. Het is volgens hem wel belangrijk dat raad en college 'in gezamenlijkheid verantwoordelijkheid nemen'.
De motie werd uiteindelijk breed gesteund, ook door enkele partijen die hem eerder overbodig noemden. Dit vooral omdat de inhoud an sich te onderschrijven was. Voor waren: SGP, CDA, CU, VVD, D66, GL, VVD en PvdA. Tegen waren: GBK en de SP.
