KAMPEN - 75 procent van de inwoners van Overijssel vindt de milieusituatie in de woonomgeving volgens de provincie onveranderd ten opzichte van vier jaar geleden. Gemiddeld geven de inwoners het rapportcijfer 7,7.
Een ruime meerderheid is ook tevreden over de beschikbaarheid en kwaliteit van water en natuur in hun buurt. Inwoners van Overijssel voelen zich wel minder veilig dan in 2011. De meeste milieuhinder wordt ondervonden van het geluid van wegverkeer.
Inwoners van Overijssel zijn tevreden over de milieusituatie in hun woonomgeving. Ten opzichte van een eerdere meting in 2011 is de tevredenheid niet veranderd. 62 procent geeft een rapportcijfer 8 of hoger. 72 procent verwacht dat de milieusituatie in de komende jaren gelijk blijft.
De inwoners van de stedelijke Twentse gebieden zijn pessimistischer over de verwachte milieusituatie dan de inwoners van de andere regio’s. De tevredenheid is in de landelijke gebieden groter dan in de stedelijke gebieden. Op de vraag waarover men bezorgd is, wordt vaker klimaatverandering geantwoord. In het onderzoek is voor het eerst de bezorgdheid over de aanwezigheid van asbest in de woonomgeving onderzocht. 17 procent van de inwoners van Overijssel is een beetje tot zeer bezorgd over de aanwezigheid van asbest.
Waardering kwaliteit natuur en water blijft hoog
De tevredenheid van de Overijselaar over de beschikbaarheid en kwaliteit van water en natuur in de buurt is groot. In vergelijking met 2011 zijn de toegankelijkheid en de nabijheid vaker genoemd als reden voor tevredenheid. 44 procent geeft daarvoor een rapportcijfer 8 of hoger. In vergelijking met 2011 is de natuurlijkheid van het gebied minder vaak genoemd als positief punt. Niet verrassend is dat de tevredenheid in de landelijke gebieden groter is dan in de stedelijke gebieden.
Gevoel van veiligheid minder groot
Gemiddeld voelen Overijsselaars zich minder veilig dan in 2011. In 2011 voelde 90 procent zich nog veilig, in 2015 is dat gedaald tot 82 procent. Ten opzichte van 2011 voelt men zich minder veilig door de angst voor een aanslag door terroristen en de op- of overslag van chemisch afval of afval van gevaarlijke stoffen. De bezorgdheid is in de stedelijke gebieden van Twente groter dan in de andere gebieden in Overijssel.
Geluidshinder is nog steeds veruit de belangrijkste bron van milieuhinder. 72% van de inwoners ondervindt geluidsoverlast, in 2011 was dat nog 64 procent. De stijging is vooral te verklaren uit de toename van geluidshinder die veroorzaakt wordt door buren en door overlast veroorzaakt door industrie en bedrijven. Opvallend is dat inwoners in landelijke Twentse gebieden meer geluidshinder van buren ervaren dan inwoners in de stedelijke Twentse gebieden. In vergelijking tot 2011 is er minder geluidshinder door auto(snel)wegen waar 100 tot 130 km/uur mag worden gereden. In de stedelijke gebieden van West-Overijssel is meer hinder van autosnelwegen dan in de andere gebieden. De hinder als gevolg van stof, roet of rook is toegenomen van 12 procent in 2011 naar 16 procent in 2015. De toename is in de eerste plaats te verklaren uit de toename van de hinder van het wegverkeer en door de ervaren hinder van buren.
In West-Overijssel meer geurhinder door mest
In 2015 wordt evenveel geurhinder ervaren als in 2011. In totaal heeft 25 procent van de inwoners wel eens last van geurhinder in en om de woning. Geuroverlast wordt veroorzaakt door bedrijven, het wegverkeer, de landbouw en de buren. Elk van deze bronnen draagt ongeveer even vaak bij aan geurhinder. Inwoners van landelijke gebieden in West-Overijssel ervaren meer hinder (20 procent van de inwoners) van mest in vergelijking tot andere regio’s (11-12 procent van de inwoners).
Landbouw minder vaak genoemd als bron van luchtverontreiniging
In totaal ondervindt 20 procent van de inwoners persoonlijk hinder door luchtverontreiniging. Het verkeer wordt het meest genoemd als veroorzaker van luchtverontreiniging. Huishoudens worden vaker als veroorzaker van luchtverontreiniging gezien. De landbouw wordt minder vaak genoemd als belangrijkste veroorzaker van luchtverontreiniging (in 2015: 3 procent en in 2011: 14 procent). In de landelijke Twentse gebieden wordt minder hinder door luchtverontreiniging ervaren dan in de andere regio’s.

