DEN HAAG – Een dwangsom en een boete van 90.000 euro voor het illegaal importeren van een sloopschip moeten van tafel. Dat eiste de advocaat van scheepssloperij en scheepshandel Hoeben RDM uit Kampen donderdag bij de Raad van State.
De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) strafte het bedrijf aan de Oslokade hard, omdat het de import van het sloopschip niet had gemeld. De ILT ziet sloopschepen als afval. Import van afval moet worden gemeld en er moet toestemming voor worden verleend.
Dat was niet gebeurd nadat Hoeben een baggerzuiger importeerde uit Duitsland. Het leverde het bedrijf een dwangsom op. Mocht Hoeben weer eenzelfde overtreding maken, dan zou een boete volgen. En die kwam er toen het bedrijf een oud binnenvaartschip uit België in handen kreeg.
Volgens de advocaat van Hoeben straft de ILT veel te makkelijk. De twee schepen werden namelijk niet binnengehaald voor de sloop. Eerst werd bekeken of het nog mogelijk was om de schepen op te lappen of voor een ander doel geschikt te maken en dan te verkopen. Uiteindelijk bleek dat niet de moeite waard. De schepen werden gesloopt.
Achteraf bleek dus dat de ILT gelijk had. Maar Hoeben kon toen niet meer alsnog toestemming vragen voor de import van een sloopschip. Dat had het bedrijf moeten doen toen het de schepen aankocht.
Hoeben vindt wel dat de ILT moet werken met objectieve regels om te bepalen of een schip een sloopschip is. Nu wordt het volgens het bedrijf overgelaten aan enkele ambtenaren die dat op eigen houtje doen. De advocaat verwees naar een dubieuze regel van ILT dat een schip een sloopschip is als het niet meer op eigen kracht kan varen. Als de accu van een auto kapot is, kan die ook niet rijden. Maar dat maakt die auto nog niet tot een wrak, aldus de advocaat.
De rechters van de Raad van State vonden de regels van de ILT ook niet erg helder. Ze doen uitspraak over zes weken.

