Het gedicht is geschreven naar aanleiding van een verhaal uit het boek:
‘Kinderen verhalen van de oorlog’. (verzameld door Daan van Driel en Jaap van Gelderen.)
Foto
Ik heb een foto in zwart-wit
waar mijn vriend op staat
Hij is er vier jaar
Met grote bruine ogen
kijkt hij
een beetje bang
naar
wat komen gaat
We groeven in het zand
Speelden zij aan zij
Maakten een diepe kuil
We bevrijden Nederland
De Tommies waren wij
Onze kleren werden vuil
Alles was oké
Tot die septemberdag
ik hem en zijn moeder zag
De politie nam ze mee
In een grote politiewagen
Daarin rijden vond Lowie fijn
Dat was iets bijzonders in die dagen
De auto bracht ze naar de trein
Ik wist niet waar die heen zou gaan
Op een weggeworpen stuk papier
dat uit de trein viel- zag ik staan
Wij komen zeker terug !
Ik wachtte op Lowie
Om te spelen in het zand
Als ik hem zou zien
In een vrij Nederland
Jaren gingen voorbij
Hij kwam niet terug naar mij
Wat rest van Louis Goudsmid
Is een foto in zwart-wit.

