Politiechef Johan Ekkel en historicus Jonn van Zuthem zijn de archieven ingedoken voor een boek over Oudejaarsvieringen in Kampen dat binnenkort verschijnt. Daarin scheiden ze feiten en fictie als het gaat om de ‘tradities’ van het melkbusschieten en de vreugdevuren. De vele incidenten in de loop der jaren worden in hun context geplaatst, eindigend bij het hier en nu en de toekomst. Ekkel en Van Zuthem geven de Bruglezer alvast een voorproefje met een voorpublicatie van vier afleveringen.
Aflevering 1
'Nacht van Kampen'
In de jaren zeventig van de twintigste eeuw was Kampen het toneel van hevige onlusten rondom de Oud en Nieuw-viering. Het Overijsselse provinciestadje werd op Nieuwsjaarsdag in die jaren in de nieuwsberichten steevast genoemd in de rij van steden – met name Den Haag en Amsterdam – waar het in de voorafgaande Oudejaarsnacht onrustig was geweest. In de politierapporten werd in dat kader zelfs geschreven over de 'Nacht van Kampen'.
Het Kamper politiekorps moest ondersteund worden door tientallen collega's uit onder meer Zwolle, Deventer en Enschede. Menig Kampenaar van boven de vijftig jaar kan zich de veldslagen tussen de raddraaiers en meelopers en de politie nog levendig herinneren. Sommigen gaan er nog altijd prat op zelf in de voorste linie te hebben 'meegestreden'....
Voor het gros van de Kampenaren was de Oudejaarsavond door de climax van geweld in die tijd al lang geen feest meer. In Brunnepe en het noordelijk deel van de Kamper binnenstad kon je met goed fatsoen de straat niet meer op. In een ingezonden brief aan het gemeentebestuur vroeg begin november 1975 een bewoner van de Buitenkade om aandacht voor de overlast. De schrijver – hij of zij ondertekende wel, maar zijn/haar naam is niet te ontcijferen – verwoordde het zonneklaar: 'Iedereen heeft een gezellige jaarwisseling maar in deze buurt is het altijd een grote rotzooi. Sommige mensen die bij ons op visite komen, krijgen een klap van een rondzwevende knuppel als ze weer weg gaan. De kinderen van een ziek te bed liggende buurvrouw kunnen niet komen omdat ze er niet door durven. De auto's van de bewoners welke op het parkeerterrein staan, staan steeds bloot aan vernielingen. En zo zou ik nog wel uren door kunnen gaan met schrijven. Wat ik U wil vragen, het eens te bespreken in de raad. U moet dit gebeuren niet als een traditie zien
Oudejaarstraditie
Over 'traditie' – het van generatie op generatie doorgegeven van gebruiken en/of gewoonten met als doel het in stand houden van de maatschappelijke stabiliteit – gesproken: Onze heidense Germaanse voorouders, die nog geen kalender kenden, verdreven al tijdens het midwinterfeest van de Twaalf Nachten (het zogeheten 'Joel') met een hoop kabaal de kwade geesten. Ondanks latere pogingen van de Kerk om deze luidruchtige viering in te bedden in de kerkelijke traditie – zoals dat met het begin (Kerstmis) en het einde (Driekoningen) van die periode wel gebeurde - is de overgang van het oude naar het nieuwe jaar altijd een wereldlijk en dus enigszins losbandig feest gebleven. In de zeventiende eeuw werd in de door de calvinisten gedomineerde Republiek het Oudjaar gevierd met een hoop drank, luid gezang en met..... het schieten met musketten. In Amsterdam hadden veel bewoners daarvoor naar verluidt zelfs 'een kanonnetje' op zolder staan
Ook in Kampen werd in die tijd, ook hier tot grote ergernis van het stadsbestuur, tijdens de Oudejaarsnacht met dergelijke vuurwapens (musketten en roers) geschoten. Ook de Wacht, dienaren van de overheid nota bene, maakten zich schuldig aan het veroorzaken van luide knallen en dan niet zelden ook nog voor de deur van de gegoede burgerij. Het geknal leidde zo schreven de bestuurders 'tot verstueringe van craemfrouwen, verscheyden crancken, olde ende swacke personen'. Herhaaldelijk waarschuwden zij zowel de burgers, de overige inwoners en de in de stad gelegerde soldaten dit schieten achterwege te laten. Zo niet, dan zouden hun wapens worden ingenomen en zouden zij verder vervolgd worden
In de negentiende eeuw werd de viering van Oud en Nieuw langzamerhand vooral een huiselijk gebeuren. Met spelletjes waaraan alle gezinsleden konden meedoen, met het eten van oliebollen en het elkaar met een glaasje in de hand het beste wensen nadat de klok twaalf keer had geslagen. Het beschavingsoffensief van de hogere burgerij om openbare dronkenschap en lawaaioverlast aan banden te leggen, leek vruchten af te werpen. In de steden althans, op het platteland is men Oud en Nieuw altijd op luidruchtige wijze blijven vieren. In Oost- en Noord-Nederland kende de jeugd bovendien de traditie van het slepen van al dan niet losliggende spullen. Menige 'rekening' (lees: ergernis) werd zo vereffend.
De volgende keer: ‘De ontdekking van het carbid’

