Een achtergevel die los staat van de rest van het pand en een vloer die zo schuint afloopt dat het wel een glijbaan lijkt. Nee, het betreft hier geen gebouw met wat constructiefoutjes. We hebben het hier over een rijksmonument uit 1630 dat nog nooit (!) echt is gerestaureerd. Tot nu. Edward en Natalie Kamphuis kochten het pand en restaureerden het zo origineel mogelijk.
Ze kunnen er inmiddels wel een boek over schrijven, maar liever vertellen ze gewoon zo hun verhaal. Een verhaal dat wat hen betreft niet ophoudt bij de voordeur. Edward: “Zoals dit pand zijn er vele. Kampen bezit tal van prachtige oude gebouwen met een woon- en winkelfunctie die in minder goede en soms zelfs erbarmelijke conditie zijn. Als je dan ook nog eens moderne voorzieningen wilt aanbrengen kan het kostbaar zijn om het gebouw zo oorspronkelijk mogelijk te houden. De verleiding om ergens over heen te sauzen en materialen te gebruiken die niet origineel zijn maar wel langer meegaan, is groot.”
Toch luidt de boodschap van Edward en Natalie om die verleiding te weerstaan. “Met de opkomst van internet moeten wij als winkeliers de winkelbeleving zowel in als buiten de winkel optimaal maken. Maatadvies, voelen, proeven en beleven. Zodra je niet meer onderscheidend bent en je als winkel geen meerwaarde biedt, ga je zeker verliezen. We moeten de mensen in onze mooie historische binnenstad zien te houden”, verwoordt Edward de gedachten van de twee. Nog wel even een statement makend. “Het zou enorm helpen als bezoekers van onze prachtige binnenstad hier langer dan drie uur kunnen parkeren. Dat ze niet eerst terug moeten naar de automaat of op de klok kijken terwijl ze ergens lekker zitten te eten. Ook dat heeft te maken met gastvrijheid.”
Terugkerend op het gespreksonderwerp, hun mooie winkel, vult Natalie aan: “De kwaliteit van een pand wordt tegenwoordig uitgedrukt in energieklassen, wel of geen HR-glas en isolatiewaarden. Uiteraard hebben ook wij daar naar gekeken. Maar authenciteit en sfeer zijn het belangrijkste. Dat is wat wij hier verkopen. Realiseer je goed dat als je eenmaal besluit om oude elementen weg te halen die voorgoed verloren gaan.”
‘Maar wie valt daarover?’ zou een vraag kunnen zijn. Edward draait die vraag om. “Ik kom graag in Italië met zijn prachtige steden zoals Venetië, Verona en Florence. Dichter bij huis kan je denken aan het Belgische Brugge en Gent. Waarom denk je dat daar zo veel toeristen zijn? Juist, omdat de gebouwen daar zo oorspronkelijk zijn.” Wat volgens Edward niet wil zeggen dat je niets mag verwijderen. Want soms heb je geen keus, omdat er niets meer valt te redden. Neem nu de eerder gememoreerde vloer op de eerste verdieping. Die kon slechts voor een derde worden gespaard. De vloer is verder aangevuld met nieuw materiaal, maar wel van hetzelfde soort als het origineel, niet van echt te onderscheiden.
Op die manier is het hele pand onder handen genomen. De hemelwaterafvoer werd vernieuwd, net als de kozijnen en dorpels van Belgisch hardsteen en met gefrijnde randen. De gevel werd met oude stenen gerestaureerd en opnieuw ingevoegd. “Zo’n trapgevel als de onze staat voor Holland”, zegt Edward over de gevel die een paar centimeter is terug gezet omdat deze voorover begon te hellen. Een bijzonder fraai detail aan de voorgevel is de afbeelding van een hoofd, die van de trotse eigenaar die destijds het pand liet bouwen. Binnen is het pand eveneens in oude luister hersteld. Natalie: “Na het weghalen van het gipsplafond bleken we in de winkel uit te komen op een sfeervol plafond met een hoogte van 3 meter 82. Er ontbraken 23 van de 30 sleutelstukken die de balken ondersteunen. Deze hebben we door een meubelmaker laten maken en terug geplaatst.”
De ironie van het lot wil dat het monument, waaraan nog steeds herstelwerkzaamheden plaatsvinden, onderdak biedt aan Casa Moderna. Edward en Natalie runnen de winkel die moderne meubels en accessoires biedt van Italiaanse snit. “Dat maakt dit pand tot een monument vol tegenstellingen waardoor het eigenlijk nog interessanter wordt”, vindt Edward.
Bij de restauratie kwam een aantal interessante zaken aan het licht. Een muntstuk (halve cent) uit 1832 en zilveren guldens bijvoorbeeld. Natalie laat oude tegels zien die ook tot de onverwachte maar daardoor niet minder welkome inboedel behoren. De pronkstukken vinden hun weg naar een soort van vitrine. Edward: “We merken dat veel Kampenaren zo’n restauratie reuze interessant vinden en benieuwd zijn naar hetgeen we hebben gevonden.”
De stille getuigen van een rijk verleden vertellen zo elk hun verhaal. Het grote verhaal voor Edward en Natalie blijft echter dat de vele panden die Kampen tot de mooie stad maken het verdienen om behouden te blijven. “Behalve een belastingvoordeel hoef je een restauratie als deze om het geld niet te doen. Daar staat tegenover dat niemand ons heeft gedwongen om hier Casa Moderna te openen en er straks, als alles klaar is, te gaan wonen. Wij mogen hier wonen. Dan is het je plicht om het mooi te houden. We hopen dat ons initiatief stadsgenoten aanspoort om onze binnenstad authentiek te houden”, besluit Natalie.
