Zonder meteen een standpunt in te nemen, of zoals Koelewijn dat noemt ‘te politiseren’. Wel om tot nog betere besluitvorming te komen als het moment daar is en het college van B en W in stelling te brengen. Hoe doe je dat in een jaar waarin al snel een besluit valt over het Reevedorp? Een jaar ook waarin de transitie van de zorg een nieuwe ronde ingaat – Koelewijn spreekt van ‘dagkoersen’ waar het gaat om de vraag wat je als gemeente wel of niet krijgt vergoed – en waarin de opvang van vluchtelingen en huisvesting van statushouders weer op de agenda komt. Dat Koelewijn geen glazen bol heeft, weerhoudt hem niet van een vooruitblik op een nieuw politiek jaar. Met ook genoeg om naar uit te zien, bijvoorbeeld ontwikkelingen in de binnenstad en de kernen.
De vraag die Koelewijn zich als eerste stelt, is echter welke ambities uit het collegeakkoord er zijn gehaald. “2016 is niet alleen een nieuw jaar, we zitten als college van B en W, coalitie en raad ook halverwege een periode. Over twee jaar zijn er weer verkiezingen. De tijd om datgene te verwezenlijken wat in het akkoord staat wordt minder.” Het coalitieakkoord is tamelijk los geconstrueerd. Formateur Janco Cnossen zag het als noodzaak om de coalitiepartijen vrijheid te geven voor een eigen geluid aangaande hete hangijzers als het Reevedorp en anderzijds de raad meer onderhandelingsruimte te bieden. Koelewijn: “Ik vind dat met het inzicht van nu nog verstandiger dan dat ik dat toen al vond. Een akkoord voor vier jaar met weinig mogelijkheden te anticiperen is niet meer van deze tijd. Neem de transitie van de zorg waar we middenin in zitten. Elke nieuwe circulaire van het Rijk kan gevolgen hebben voor wat je als gemeente wel of niet krijgt vergoed bij het regelen en leveren van de zorg. Dat heeft financieel nogal wat consequenties. Twee of drie jaar vooruitkijken kan niet meer.” Meer initiatief van de raad betekent wat Koelewijn betreft eveneens meer bijeenkomsten met burgers. Iets dat al plaatsvindt maar nog vaker zou mogen, al haast Koelewijn zich te zeggen dat hij daar als onafhankelijke voorzitter van de raad en hoofd van het college niet over gaat. Een aanmoediging kan daarentegen altijd. De VVD had laatst een bijeenkomst waarbij het vluchtelingenbeleid centraal stond. Partijen kunnen ook gezamenlijk daar een inloopavond over houden om te kijken wat er onder de bevolking leeft, noemt Koelewijn een voorbeeld. Hij kijkt overigens positief terug op de ‘voorspoedig verlopen’ noodopvang in sporthal De Reeve vorig jaar. De gemeente voldeed eveneens aan haar inspanningsverplichting statushouders te huisvesten. De vergoedingen vanuit het Rijk voor de opvang is en was punt van discussie. Dat geldt al evenzeer over wat nu precies moet worden verstaan onder kleinschalige opvang. Het Kamper college van B en W deelt de mening van het COA allerminst. “Het COA gaat uit van minimaal 250 vluchtelingen per locatie. Dat aantal kunnen wij onmogelijk op een plek onderbrengen”, aldus Koelewijn, die meer is voor een gespreide opvang. Liever ziet hij helemaal geen noodopvang en louter permanentere huisvesting. “Ik heb alleen niet de illusie dat het vluchtelingenvraagstuk morgen is opgelost. Veel hangt af van wat er aan de grenzen van Europa gebeurt en daar hebben we hier in Nederland weinig over te zeggen. De verwachting is dat er dit jaar tussen de 50.000 en 90.000 vluchtelingen binnenstromen. Dan kan je niet zeggen: ‘We doen niet aan noodopvang’.” Daarnaast wijst Koelewijn op nog een ander issue, de vluchtelingen die momenteel op bungalowparken zitten. “Het gaat om ongeveer 15.000 vluchtelingen in heel het land die uit hun bungalow moeten zodra het nieuwe recreatieseizoen begint.” Koelewijn vindt dat de gemeente de morele plicht heeft te helpen en wil tegelijkertijd verdringingseffecten op de huurmarkt voor autochtone Kampenaren voorkomen.
Van deze huisvestigingsproblematiek lijkt het een haast gekunsteld bruggetje naar het Reevedorp. Maar als je bedenkt dat er al in maart een besluit valt over dit voor Kampen zwaarwegende dossier is het woord ‘belangrijk’ eerder een eufemisme. “Zowel bouwen als niet bouwen heeft grote gevolgen”, weet Koelewijn. Er is al fors geïnvesteerd en de garantie dat 1.100 woningen kunnen worden weggezet in een krimpende markt is er allerminst. De Raad van State zette een streep door het huidige bestemmingsplan Reeve. Later oordeelde de Raad dat de bypass mag worden aangelegd maar dat deze de laatste honderdvijftig meter minder diep wordt. De recreatieve waarde is volgens menig raadspartij, met een niet bevaarbaar gedeelte, minder groot. Feiten die nog eens worden doorkruist door een recent aangenomen regionale woonvisie die gemeenten in West-Overijssel opdraagt de woningbouwambitie fors naar beneden te brengen. De vraag of en in hoeverre het Reevedorp valt onder de noemer regionale opgave en als zodanig niet meetelt binnen de in de regionale woonvisie gestelde norm moet nog worden beantwoord. Gesprekken met de provincie en Zwolle moeten daar duidelijkheid over geven.

